Bordetella bronchiseptica (kennelhoest) infectie bij katten Picture

English Czech French Italian Dutch

[Vertaald door Karin Sandbergen.]

Door Lies Klösters. 2007.
(Herdrukt met toestemming.)

De omvangrijke vaccinatie van katten tegen het feline calici virus (FCV) en feline herpes virus (FHV) is er niet in geslaagd het probleem van het feline upper respiratory tract disease (URTD, infectie van de bovenste luchtwegen bij katten) uit te roeien.

Bordetella bronchiseptica (Bb) wordt allang aanvaard als een belangrijke oorzaak van kennelhoest bij honden, pas de laatste jaren ziet men in dat het ook een rol speelt in de ontwikkeling van URTD bij katten. De symptomen van een Bb infectie lijken heel erg op die van een luchtweginfectie en er is steeds meer bewijs dat de infectie wijd verspreid is.

Stress zorgt ervoor dat katten vatbaarder worden voor het ontwikkelen van een ziekte die aan Bb verwant is. Het komt het meest voor in huishoudens met meerdere katten en in catteries. De ziekte treft kittens het hardst (waarbij longontsteking met de dood als gevolg is gesignaleerd). URTD brengt belangrijke gezondheidsvraagstukken ter sprake en heeft verstrekkende financiële gevolgen voor eigenaren van een cattery en kattenfokkers. De ontwikkeling van een vaccin (Nobivac Bb voor katten) bedoeld als bescherming van katten tegen deze ziekte, is een belangrijke doorbraak in de voorkoming van URTD.

Symptomen van Bordetella bronchiseptica infecties

Aan Bordetella bronchiseptica verwante ziekte van de bovenste luchtwegen (URTD) is een complexe ziekte. Er is een aanzienlijke overlapping met ziektebeelden met een andere oorzaak, die URTD kunnen veroorzaken, waaronder het feline calici virus (FCV) en feline herpes virus (FHV).

Bij de meeste katten is de ziekte die wordt veroorzaakt door Bordetella bronchiseptica (Bb) onschuldig en zijn de symptomen na ongeveer 10 dagen verdwenen. Een levensbedreigende longontsteking kan zich vooral bij jonge kittens ontwikkelen.

Bij onderzoek van katten waarvan bekend is dat Bb de enige veroorzaker is, zijn de symptomen normaal gesproken koorts, niezen, uitvloeiing uit de neus, submandibulaire lymfadenopathie (aandoening van de lymfeklieren), en reutelen.

Hoesten, hoewel vaak waargenomen bij katten, schijnt een niet zo kenmerkend verschijnsel te zijn als bij een Bb infectie bij honden. In tegenstelling tot de meeste gevallen van besmettelijke URTD bij katten komen plotselinge sterfgevallen voor, vooral bij jonge kittens, als de ziekte zich ontwikkelt tot een longontsteking.

Sommige katten kunnen langdurige dragers zijn en van herstelde katten is aangetoond dat zij Bb tot minstens 19 weken na de eerste blootstelling uitscheiden.

Diagnose van Bordetella Bronchiseptica infectie bij katten

Bacteriën van een uitstrijkje van de
mond- en keelholte worden op een
petri-schaaltje aangebracht.

Een ziekte die wordt veroorzaakt door Bordetella Bronchiseptica (Bb) kan niet uitsluitend door middel van een visueel of lichamelijk onderzoek worden vastgesteld.

Veel van de symptomen van Bordetella bronchiseptica infectie bij katten (hoesten uitgezonderd) bootsen symptomen na die door andere ziekteverwekkers worden veroorzaakt. Reactie op een behandeling met antibiotica kan wijzen op een beperkte ondersteuning van het bewijs dat een bacteriële ziekteverwekker bij de ziekte is betrokken.

Bb infectie wordt het best vastgesteld door middel van uitstrijkjes van de mond- en keelholte, of van uitstrijkjes van neusuitvloeiing van zieke katten. Monsters moeten worden genomen met behulp van steriele wattenstaafjes, die in een charcoal transportmedium worden geplaatst, voordat zij op een selectief middel, zoals Bordet-Gengou, worden aangebracht.

Chronische dragers scheiden vaak relatief weinig organismen uit en vereisen daarom herhaaldelijke kweken uit de mond- en keelholte. Bovendien geeft isolatie (zoals bij virale ziektewekkers van de ademhaling) geen zekerheid dat de bacterie de veroorzaker is van de URTD.

Pathologische effecten van een Bordetella bronchiseptica infectie

X-ray thorax

Röntgenfoto van de borstkas van een kat met bacteriële longontsteking
(zijdelings gezien). Omvangrijke vlekkige gebieden van alveolair
pulmonair, infiltraat (het aanwezig zijn van vocht, rode of witte
bloedcellen, wat in weefsels en cellen is afgezet, of lokale
ontsteking met afzetting van vocht in de directe omgeving) en
diffuus (verspreid, een groot gebied beslaand zonder scherpe
begrenzing), bronchiaal ziektebeeld.

De ontstekingsreactie op Bordetella bronchiseptica infectie wordt in gang gebracht door beschadiging van het ademhalingsepitheel (opperste laag van het bekleedsel van organen), dat het vrijkomen van ontstekingscytokinen (een cytokine is een prote´ne dat een rol speelt in de immuunafweer) veroorzaakt.

Het vrijkomen van toxines volgend op kolonisatie is verantwoordelijk voor lokale en systemische ontstekingsbeschadiging gedurende de eerste 3 tot 5 dagen na het ontstaan van de infectie. De eerste symptomen van Bordetella infecties kunnen na deze periode worden waargenomen. Na aanvang van de lokale immuunreactie worden de bacteriën langzamerhand uitgeroeid (Bemis et al 1977). Bij katten lijken de meeste ziekten zelfbeperkend te zijn met een spontane genezing, die plaats vindt na ongeveer 10 tot 14 dagen. Echter, een ernstige longontsteking verwant aan Bordetella bronchiseptica (Bb) kan voorkomen, vooral bij kittens.

Bb past zich aan teneinde een langdurige, symptomatische infectie tot stand te brengen. De bacterie is in staat de immuunreactie verwant aan de infectie te regelen (Yuk et al 2000). Infecties zijn voornamelijk chronisch, vaak asymptomatisch, en erom berucht dat ze moeilijk zijn te bestrijden, zelfs met een antibioticumkuur. Er wordt steeds meer bewijs gevonden van resistentie voor bepaalde antibiotica, waaronder tetracyclines en ampicilline.

Behandeling van katten met Bordetella bronchiseptica

Behalve algemene maatregelen, zou een antibioticumkuur tot de mogelijkheden moeten behoren voor de behandeling van een infectie van de bovenste luchtwegen (URTD) bij katten.

Het schoonmaken van oog- en neusuitvloeiing van katten met Bordetella bronchiseptica infectie is een belangrijk aspect van de verzorging.

Verstopping en zich niet lekker voelen dragen bij aan een gebrek aan eet- en drinklust, dus is het toedienen van vloei- en voedingsstoffen van vitaal belang. Uitvloeiing uit ogen en neus moet regelmatig worden verwijderd, waarbij stomen kan helpen om de verstopping te verminderen.

Een antibioticumkuur is altijd geïndiceerd bij een bacteriële URTD. Antibiotica moeten worden gegeven zolang er sprake is van uitvloeiingen. Recente onderzoeken hebben uitgewezen dat isoleringen van Bordetella bronchiseptica (Bb) van katten gevoelig zijn voor tetracycline en doxycycline, maar dat resistentie voor trimethoprim en ampicilline omvangrijk is.

Infectie kan worden behandeld met

  • tetracycline (10mg/kg PO q8h)
  • doxycycline (10mg/kg PO q24h)
  • amoxicilline/clavulaanzuur (62.5mg/cat PO q12h).
Recente isoleringen van Bb van katten leveren bewijs van de ontwikkeling van resistentie voor tetracycline.

Het voorkomen en beheersen van Bordetella bronchiseptica infectie bij katten

Tot op heden is het voorkomen van infecties van de bovenste luchtwegen bij katten (URTD) beperkt gebleven tot catterymanagement.

Goed catterymanagement (vooral goede hygiëne en het verminderen van stress bij katten) is een belangrijk hulpmiddel bij het voorkomen van URTD bij katten. De overlevingsduur van Bb is maar kort zodra het zich buiten de kat bevindt en wordt gedood door veel algemene desinfecteermiddelen, dus zijn gewone hygiënische maatregelen voldoende om te voorkomen dat de ziekte zich in de omgeving verspreid. Verwijdering van chronisch ge´nfecteerde katten uit een besmette omgeving kan ook worden overwogen.

intranasal vaccination

Intranasale vaccinatie met
Novibac® Bb voor katten.

Een intranasaal vaccin (Nobivac® voor katten) is nu beschikbaar in sommige landen en dit kan worden gebruikt om het uitbreken van URTD in catteries te voorkomen. Vaccinatie is ook geïndiceerd om ademhalingsziekten bij katten te helpen voorkomen, die:
- in contact komen met andere katten en honden
- worden ondergebracht in catteries of waarmee wordt geshowd.

Vaccinatieprogramma's voor katten moeten altijd worden gecombineerd met goed beheer: goede voeding, hygiëne, ventilatie, ongediertebestrijding en beheersing van andere ziektewekkers van de luchtwegen teneinde het optreden van een ziekte zo klein mogelijk te maken.

Tijdens de bevalling kunnen poezen Bordetella bronchiseptica doorgeven aan hun nageslacht; kittens die uit een cattery komen waar wordt gefokt en dierenasiels lopen daarom een verhoogd risico op deze ziekte. Omdat Bordetella bronchiseptica infectie bij kittens door een longontsteking voor hun plotselinge dood kan zorgen, moet dit risico serieus worden genomen. De mogelijkheid van sterfte en het algemene ziektecijfer veroorzaakt door besmettelijke URTD benadrukt het belang van maatregelen bedoeld om de ziekte te bestrijden, vooral bij dieren met een hoog risico. Het gebruik van Nobivac® Bb voor katten heeft een belangrijk aandeel in zulke preventieve maatregelen.

Opmerking van de auteur:

- De informatie uit dit artikel is gekopieerd van de NovibacBb website. Voor meer leesmateriaal over dit onderwerp, ga naar www.novibacbb.com. Mijn hartelijke dank aan Intervet dat zij ons toestaan hun informatie voor dit artikel te gebruiken.
- Toen dit artikel werd geschreven, was het vaccin tegen Bordetella bronchiseptica bij katten niet beschikbaar in elk land. Neem daarom alstublieft contact op met uw dierenarts om de mogelijkheden die voor u beschikbaar zijn, te bespreken.