Genetica Picture

English Chinese Spain French Italian Dutch Norwegian Swedish Portuguese Taiwanese

Dominant wit

Het gen dat een kat zuiver wit maakt is dominant. Dit allel remt de normale functie van de pigmentcellen, zodat er geen kleur wordt geproduceerd. Een volledig witte kat draagt daarom het gen voor rood/zwart, agouti/non-agouti, verdunning/niet verdunning etc. Het gen voor wit is derhalve epistatisch.

Zuiver witte katten hebben vaak een gekleurde vlek op hun kop, wanneer zij geboren worden. Het verdwijnt wanneer de kat zijn volwassen vacht heeft ontwikkeld. Deze vlek kan onthullen welke kleur de kat werkelijk heeft onder het wit.

Witte katten hebben gele, blauwe of één blauw en één geel oog (odd-eyed, twee verschillende ogen). Men weet in dit geval niet hoe de oogkleur wordt vererfd.

Witte katten zijn vaak doof. Dit wordt veroorzaakt door een degeneratieve verandering van het slakkehuis in het inwendige oor. Doofheid komt in ieder geval vaker voor bij blauwogige witte katten dan bij witte katten met gele ogen, maar er zijn katten met gele ogen die doof zijn en blauwogige katten met een normaal gehoor. Katten kunnen ook maar aan één oor doof zijn. Katten met verschillende ogen zijn vaak doof aan het oor dat zich aan dezelfde kant bevindt als het blauwe oog.

Aanduiding: W = wit
            w = niet wit

Volgende...